|
|
|
|
|
|
|
|

|
|
|
|
|
| Het Kruger Park is een van de beroemdste wildparken ter wereld.
Over een lengte van 350 kilometer en een breedte van 60 kilometer
strekt het zich uit langs de grens met Mozambique. In het park leeft
een enorme variëteit aan dieren. Het is een van de plaatsen waar het
mogelijk is de Big Five tegen te komen: de Kaapse buffel, de leeuw,
de olifant, de luipaard en de zwarte neushoorn. Een van de grote voordelen van het Krugerpark is de goede infrastructuur. Het park kent een uitgebreid netwerk van geasfalteerde wegen, zodat u ook met een gewone auto het hele park kunt doorkruisen. Op verschillende plaatsen zijn kampen met goede accommodatie. Vanuit deze parken worden bovendien wandelsafari’s georganiseerd. Deze geven u de mogelijkheid om onder begeleiding van een ranger te voet de natuur te verkennen en op zoek te gaan naar dieren. Naast het Kruger Park liggen verschillende private game reserves. Deze grenzen aan het Kruger Park en omdat dieren geen benul hebben van grenzen is hier dezelfde rijkdom aan fauna te vinden als in het park zelf. De private game reserves zijn duurder en daarmee exclusiever dan het Kruger Park. Bij het verblijf in de luxe lodges zijn alle maaltijden inclusief. Ook de safari’s onder begeleiding van ervaren gidsen, te voet of per jeep, zijn bij het verblijf inbegrepen.
|

KRUGER - DE RIVIEROEVERSLIMPOPO / MPUMALANGA, ZUID-AFRIKA Oppervlakte Nationaal Park Kruger 20.000 km2 / Nationaal park sinds 1898 (gedeeltelijk omheind in 1961) De Limpopo is de meest noordelijk stromende rivier van het Kruger National Park; de Krokodil vormt de zuidgrens ervan, maar in feite is hij dezelfde rivier. De bovenloop van de Limpopo heet de Krokodil, die in een grote boog eerst noordwaarts (waar ze de grens tussen Zuid-Afrika en Botswana vormt) en ten slotte zuidoostwaarts door Mozambique naar de Indische Oceaan stroomt. Behalve deze rivieren voorzien de rivieren Sabie, Letaba, Olifants, Luvuvhu en Shingwidzi het park van water. De rivieren zijn als waterbron van levensbelang voor de duizenden dieren die in het Krugerpark leven, maar ze zijn ook van belang voor de irrigatie en de mensen die tussen de bergen en het park wonen. De rivieroevers zijn de vruchtbaarste, productiefste en natste delen van het Krugerpark en bijzonder belangrijke habitats. Bezoekers kunnen een grote diversiteit aan wilde dieren waarnemen: langs de rivieren liggen bossen die hier en daar bijna wouden zijn. In grote bomen, zoals de plataan die wel 21 meter hoog kan worden, nestelen vogels, luipaarden kunnen er overdag onder schuilen en een enorme variëteit aan dieren en insecten vindt er voedsel. Als ze vrucht dragen trekken ze apen, bavianen en vliegende honden aan. |
Het Kruger-park kun je vergelijken met Nederland, maar dan overlangs doormidden gesneden. Het heeft dan ook een oppervlakte van half Nederland. Het ligt 80 km van Pelgrimsrus af, precies ingeklemd tussen buurland Mozambique en het hoogland van de Transvaal.
|
Voor we bij de parkingang aankomen hebben we
al ons eerste wilde dier gespot: een jachtluipaard dat in de schaduw van een
boom ligt uit te puffen. Van andere dieren is vooralsnog geen spoor te
bekennen. We komen binnen bij Orpen's Gate.
|
|
|
Voortdurend
klikkende camera’s In het begin zijn Clim en ik nog enthousiast als we dieren in het wild, in hun natuurlijke habitat heet dat, rond zien lopen. Na een paar uur is de lol er bij ons vanaf. Traag rijden we over de goed geasfalteerde hoofdwegen, of goed verhard als het zijpaden betreft. In de bus wordt heel wat afgefotografeerd, de meesten hebben goede camera's tot hun beschikking. |
|
|
Dieren
spotten verveelt al snel Het park is vlak en dicht begroeid met struikgewas en lage bomen. Daartussen en op schaarse open plekken groeien de grassen voor de beesten. Dit betekent dat je nooit een goed uitzicht hebt. Alleen dieren die dicht langs de weg grazen kunnen zo in het vizier komen. Het landschap zelf is monotoon en niet echt aantrekkelijk. Ergo, na een paar uur zitten Clim en ik ons al stierlijk te vervelen. De anderen schijnen daar geen last van te hebben. Achteraf blijken de foto's die we maken ook nog eens niet zo goed geslaagd te zijn. Gelukkig vertelt dierkenner Erik af en toe iets interessants over de leefgewoonten van gespotte dieren zoals zebra's, giraffen, gnoes, impala's, buffels, etc. Wat ons wel echt intrigeert is het verbazingwekkende feit dat al die dieren niet schuw zijn voor ons, hun doodsvijanden, in die blikken dozen op wielen! |
Uitstappen en lawaai maken is ten strengste verboden, want dan gaan de dieren
er tussenuit (jammer voor de fotografen) of worden ze agressief (jammer voor
de uitstappers). We zien bijna alle soorten dieren die in het park leven,
behalve neushoorns.
KRUGER-MOPANEVELDLIMPOPO / MPUMALANGA, ZUID-AFRIKA Hoogte mopanebomen tot 10 meter / Andere vegetatie plataan, natalmahonie, worstenboom, regenboom, aloe, ademurn Nationaal Park Kruger is een enorm natuurreservaat dat zich over 350 km langs de grens met Mozambique uitstrekt. De noordelijke helft van het park (ten noorden van de Olifantsrivier) is voornamelijk met mopanes bedekt. De mopane domineert op grote stukken tamelijk vlak land tussen de rivierdalen. Op de meeste plaatsen staan lage bomen, vaak niet meer dan 1,5 m hoog, maar op sommige plekken waar echte bossen staan, zijn de boomkruinen 10 m hoog. In deze grotere mopanes zitten talloze gaten waar vogels nestelen en kleine zoogdieren zoals vleermuizen, hazen en knaagdieren huizen. De lagere bomen werden ooit door olifantenbullen kleiner gemaakt — tussen de mopanes waren vroeger de vele legendarische reuzenbullen van het Krugerpark te vinden. Hoewel zes van de oorspronkelijk zeven reuzenbullen gestorven zijn, zijn er nog steeds vele grote bullen te zien. Ze worden almaar groter en beginnen zelf ook legendarisch te worden. Ze leven in kleine groepen van drie tot zeven dieren; zo'n groep wordt meestal gedomineerd door een opvallend grote bul met enorme slagtanden. Gelukkig leven er nog meer dan genoeg grote bullen in het gebied, evenals kuddes, die zich voortplanten. |
Slide show van Krugerpark
Leeuwin
met welpen op aaibare afstand
We maken ook een 'night drive', die overigens 's avonds plaatsvindt. Normaal gesproken moet je voor het duister (in de winter om half zes) het park uit zijn; aan die regel wordt niet getornd. Sinds kort zijn deze nachtelijke safari's echter toegestaan, tegen extra betaling weliswaar, maar toch. Ik denk dat ze gewoon de kas willen spekken. 's Nachts is het zo mogelijk nog eentoniger in het park dan overdag. Daar komt nog bij dat het bitter koud is. Voor schijnwerpers lijken de wilde dieren ook al geen angst te hebben. Een leeuwin met twee welpjes struint rakelings langs ons voertuig voorbij alsof ze niet geïnteresseerd is. Uiteraard zie je nu meer nachtdieren bezig, zoals stekelvarkens en bepaalde ‘bokkies’. Als we weer eens een steenbokkie in ons licht hebben, roept een Zuid-Afrikaans meisje enthousiast: "Reg te skiet!" Recht voor zijn raap, je kunt hem zo omleggen, knal hem af! De Nederlanders in de groep vinden dit maar niks, ze gruwen er zichtbaar van. Dit is in hun ogen geen jachtwild, maar eerder knuffelwild.
(Klik voor een vergroting)
| Verblijf
in rondavels Net buiten de afrastering van het park ligt ons vakantiekamp. We hebben de beschikking over een ruime rondavel; dit zijn ronde huisjes naar het idee van de Zoeloehutten elders in dit land. Het huisje is van alle comfort voorzien. Clim kan dus ‘s morgens uitgebreid genieten van eieren met spek die we zelf bakken in het keukentje. Verder hebben we oploskoffie, suiker en melkpoeder, pakjessoep, boter en broodbeleg altijd op voorraad. In principe gaan we 's avonds uit eten, maar als dat niet mogelijk is, koken we ons eigen avondmaal. Onderweg wordt vaak gestopt om voor lunch, diner of ontbijt (dat kan variëren) inkopen te doen bij een supermarkt. |
|
Kamp
voor Mozambiquaanse vluchtelingen
Jos
gaat mee naar een vluchtelingenkamp voor Mozambiquanen in de buurt, terwijl
Clim de wasautomaten van de camping op de proef stelt. Het vluchtelingenkamp
is eigenlijk een aaneenschakeling van dorpjes, waar de vluchtelingen per stam
of taalgroep bij elkaar hokken. Het stikt er van de halfblote en goedlachse
kindertjes. We zijn er welkom, want de meeste voorzieningen in het kamp zijn
geschonken door Nederlandse NGO's, particuliere hulporganisaties. Op de
kliniek ontdekken we zowaar de Nederlandse driekleur, vrolijk wapperend in de
schrale savannewind. We bezoeken wat hutjes en een naaiatelier voor jonge
vrouwen. De excursie kost een tientje. De opbrengst wordt voornamelijk besteed
aan de gezondheidszorg, zo vertelt men. Jos geeft Rose, de lokale
gids/vertaalster, een handvol pennen die hij standaard in zijn tas heeft
zitten als hij in de Derde Wereld reist.
|
|
|
|
|
|
Armoedig
maar draaglijk
We
vinden de omstandigheden niet zo deerniswekkend als in Soweto. Het laat zich
best leven hier, hoewel het natuurlijk verre van een paradijs is. De meeste
mannen hebben dan ook werk in de nabijgelegen koper- en fosfaatmijnen. Ze
werken namelijk zwaar onder de prijs van de Zuid-Afrikaanse zwarten. Hier
hebben ze het beter dan in het door een wrede burgeroorlog verscheurde eigen
land. Ze voelen er niets voor om terug te keren en proberen hier een veilig en
zeker bestaan op te bouwen. Trouwens, hun akkertjes thuis zijn vergeven van de
landmijnen en ondanks de onlangs gesloten vrede zwerven nog steeds bewapende
bendes rond die al rovend, brandschattend en verkrachtend (zo te horen in
geheel Zuidelijk Afrika een favoriet tijdverdrijf) het leven van de
plattelandsbevolking tot een hel maken. De zwarte Zuid-Afrikanen hebben niet
veel op met deze vluchtelingen. Ze vinden dat door deze illegale immigratie de
spoeling voor henzelf te dun wordt.
TWEELINGEN /MEERLINGENin hetKrugerpark |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
![]() |
KRUGER - ZUIDELIJK HEUVELLANDMPUMALANGA, ZUID-AFRIKA Hoogste punt Krugerpark, Whancizalive 839 merter / Type gesteente kopies gramet Het zuidelijk deel van het Krugerpark onderscheidt zich door zijn heuvelachtigheid. Graniet is de belangrijkste gesteentesoort die het effect van erosie toont: de splitsing van het gesteente in een reeks concentrische schollen, was een landschap van heuvels en dalen heeft gecreëerd dat met hoge maar spaarzame boomgroepen is bedekt. Sommige heuvels zijn kleine, kale rotskoepels, terwijl het merendeel van de heuvels rotsachtige, min of meer beboste hellingen heeft. Dit deel van het Krugerpark staat bekend om zijn slingerende wegen vanwaar u steeds weer andere, indrukwekkende landschappen te zien krijgt die zeer verschillen van het vlakke land ten noorden ervan. De afwisseling van heuvels en dalen heeft een habitat gecreëerd waarin wild goed gedijt, met name het lager gelegen rivierdal van de Sabie. Olifanten, buffels, leeuwen en luipaarden zijn hier te vinden, evenals de Afrikaanse wilde hond, een van de ernstig bedreigde carnivoren van Afrika. In deze heuvels leeft ook een unieke antilope: de schuwe klipspringer of rotsspringer. |

Eerste nationaal park van Afrika
Het Krugerpark is beroemd om zijn rijke fauna en is met 110 jaar het oudste
natuurreservaat van Afrika. In 1889 richtte Paul Kruger, president van de
Republiek Transvaal de "Wildtuin van Sabie" op, een droom die de vroegere
heer uit het Hoge Veld al jaren koesterde. Dit eerste reservaat, dat
besloten lag tussen de Krokodil rivier en de Sabie, was slechts iets meer
dan 460. 000 hectare groot. De veldwachter van Komatipoort deed dienst als
jachtopziener. Het hele plan dreigde in duigen te vallen toen aan het eind
van dat jaar de Tweede Boerenoorlog uitbrak. Het Britse regiment dat ter
plaatse gelegerd was bestuurde het reservaat meer als een provisiekast. Maar
toen in 1902 eindelijk de vrede getekend werd, herkreeg het de status van
beschermd natuurpark. James Stevenson-Hamilton, de eerste beheerder, deed
veertig jaar lang zijn best om het terrein uit te breiden door aangrenzende
percelen op te kopen en om stropers te verdrijven. Reeds in 1928 waagden de
eerste toeristen het om het park te bezoeken. Maar het reservaat kreeg
vooral grotere bekendheid door het avontuur, dat voor die tijd veel
media-aandacht kreeg, van een van de eerste rangers, Harry Wolhuter. Op een
avond in augustus 1904 werd hij midden in de rimboe door twee leeuwen
aangevallen en uit zijn zadel geworpen. Wonder boven wonder slaagde hij erin
het eerste roofdier, dat hem aan een arm voortsleurde, een dolkstoot toe te
brengen en het even later dood te steken, waarna hij aan het tweede wist te
ontsnappen door in een boom te klimmen. De dolk en de huid van de leeuw zijn
nog te bezichtigen in de Stevenson - Hamilton Memorial Library in Skukuza,
en op de boom die hem zijn leven redde is een gedenkplaat aangebracht.
KLIMAAT
Subtropisch.
Zachte winters: gemiddeld 20° C in juni-juli en 's nachts afkoelend tot
onder het vriespunt.
Zeer warme zomers (30° C in december - januari) met nu en dan hevige
onweersbuien.
Regentijd van oktober tot maart. Gemiddelde neerslag: 700 mm in het zuiden
van het park, 400 mm in het noorden.
Het Krugerpark strekt zich uit over een breedte van 60 km een lengte van 340
km langs de grens met Mozambique, van de rivier Limpopo ("die groen is als
olie en geheel wordt omzoomd door koortsbomen", aldus Kipling) tot de
Krokodilrivier in het zuiden. Aan de westkant sluit het park aan op een
aantal particuliere reservaten. Het hele terrein bestaat uit een weidse
vlakte met rimboe en graslanden met hier en daar acacia's, terpentijnbomen
en nog 300 verschillende soorten bomen. Het zuiden is vrij bosrijk, maar de
meest afwisselend landschappen zijn te vinden in het uiterste noorden. De bodem
bestaat voornamelijk uit klei, maar of en toe verschijnt een stukje graniet
of basalt aan de oppervlakte. In het oosten loopt de savanne zeer
geleidelijk omhoog tegen de hellingen van het Lebombo - gebergte. Vijf grote
rivieren doorkruisen het park van west naar oost, wat bijdraagt tot een nog
grotere verscheidenheid van de fauna. Naast de "vijf groten" (buffel, leeuw,
olifant, luipaard en zwarte neushoorn) waar safarigangers het meest
belangstelling voor hebben, komen er nog 142 andere soorten zoogdieren voor,
evenals 507 soorten vogels, 114 soorten reptielen, 33 soorten amfibieën en
49 soorten vissen. Maar ook al door de autoriteiten hun best om de
verschillende ecosystemen in het reservaat in stand te houden, toch moet de
natuur zich voegen naar de eisen van het georganiseerd toerisme: tussen de
acht toegangspoorten is een netwerk van asfalt- en grindwegen aangelegd. Na
het ingaan van de "avondklok" om 18.30 uur kunnen de toeristen terecht in
een van de 24 rustkampen, variërend van sobere tenthotels tot luxueus
ingerichte boshutten.
CIJFERS
Oppervlakte: 1.948.528 ha
Lengte: 340 km / Breedte: 60 km
WETENSWAARDIGHEDEN
Nationaal park
Provincie Mpumalanga, voorheen Oost-Transvaal, en Noordprovincie
Hoofdkamp: Skukuza
Rivieren: Krokodilrivier, Sabie, Timbavati, Olifants, Shingwedzi en Limpopo
Luchthaven: Phalaborwa; bij Skukuza ligt een landingsbaan (geregelde
vluchten)
![]() |
![]() |