
MEER INFO TRANSKEI /
MEER INFO DRAKENSBERGE
|
Imposante
granieten muur van 3.000 meter
De
Drakensbergen in Natal rijzen als een granieten muur voor ons op. Het is een
enorme rotswand met toppen van rond de 3.000 meter. De hoogste reiken zelfs
tot 3.400 m en ze zijn nu allemaal met sneeuw bedekt. Het ons toebedeelde
chalet, ik heb er geen ander woord voor, is weer eens wonderbaarlijk fraai
gelegen met een onbelemmerd uitzicht op de bergrug van Giant's Castle (zo heet
trouwens ook het park hier). We zijn blij dat we hier meerdere nachten kunnen
overwinteren. Overwinteren, dat woord is wel op zijn plaats hier voor de
bittere vrieskou van de zeer heldere nachten.
Er is een centrale keuken waar
luie, trage koksmaats de scepter zwaaien.We laten het koken niet en de afwas
wel aan hun over. Een keertje wagen we het in de namiddag een braai (Afrikaans
voor barbecue) te organiseren. De koteletten en worstjes smikkelen we
wijselijk binnen op, want buiten is het te pinnig. We maken enkele wandelingen
door de spaarzaam begroeide omgeving.
|
 |
|
Bushman’s
Cave: archeologie
We
klimmen naar een grot die honderden jaren geleden door Bosjesmannen werd
bewoond, Bushman's Cave. Er zijn schilderingen te bewonderen die door een
lokale guard angstvallig worden bewaakt. Hij is duidelijk een afstammeling van
het San-volk, de oerbewoners van Zuidelijk Afrika die inmiddels zijn
uitgestorven, c.q. uitgeroeid.
De San waren jagers-verzamelaars en hadden met
hun pijl en boog geen antwoord op de kanonnen en karabijnen van de Engelsen
(jawel, niet alleen de Boeren hebben wat dit betreft bloed aan hun handen).
Overigens, een ander oervolk waren de veehoudende Hottentotten. Die zijn
inmiddels opgegaan, geassimileerd als het ware, in de kleurlingenbevolking.
Ook dat kun je nog vaak aan de gelaatstrekken zien, ietwat mongoloïde met een
perkamentachtige, gelige, gerimpelde huid.
|
 |
Kristalheldere Boesman’s Rivier
Een
andere wandeling voert ons over de Giant's Route, maar na ettelijke kilometers
over een stenig pad houden we het in een van de zijdalen voor gezien. Jos
krijgt te veel last van zijn zere knie en wil hem niet forceren. We keren om
en hangen de rest van de dag wat rond in het kamp. We kopen wat souvenirs in
de kampwinkel, waar Clim met de winkeljuffrouw muntjes uitwisselt; hij wil ook
de munten uit het pre-Mandela tijdperk (dat van de Klerk en zijn Apartheid
dus) in zijn verzameling compleet hebben. We slenteren wat langs de Boesman's
Rivier, springen van rotsblok naar rotsblok en verbazen ons over het ijs in de
kristalheldere stroom. We zien geen wilde dieren, hoewel die volgens de
handboeken hier wel degelijk aanwezig zijn, onder andere veel roodwild. Ook
lammergieren zijn in deze contreien geen onbekend verschijnsel.
|

|
Straatarm
thuisland Transkei
Een
lange en deels saaie rit door thuisland Transkei voert ons van de
Drakensbergen naar de zuidkust. Onderweg stoppen we enkele keren, onder meer
in een straatarm plaatsje waar we inkopen doen. Daar zijn we als
bleekgezichten een echte bezienswaardigheid. Het volk staart ons, overigens
niet echt agressief, voortdurend aan en vraagt zich waarschijnlijk verbaasd af
wat wij rijke blanken in hun van God verlaten gebied te zoeken hebben. En
inderdaad, de meeste blanken rijden in een grote boog om Transkei heen.
Het
Ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag heeft voor de Transkei trouwens
een negatief reisadvies uitgebracht, vanwege de hoge criminaliteit daar en de
gezondheidsrisico's die een argeloze reiziger er loopt. Dat deert ons echter
niet. In de stadjes houden we ons natuurlijk wel 'low profile'.
|
|
Weinig
weerbare mannen, veel vrouwen en kinderen
Het
landschap is er veel weidser dan in Kwazoeloe; brede dalen waarin tientallen
dorpjes liggen. De tafelbergen
torenen eenzaam boven het vlakte uit. De begroeiing is gelijk; bijna geen
bomen, wat struikgewas en gras. De meeste weerbare mannen werken ver weg in de
mijnen of de industrie van de Witwatersrand, de streek rond Johannesburg
(tegenwoordig Gauteng genaamd) of in de grote bevolkingscentra Durban en
Kaapstad.
Vrouwen maken het merendeel van de bevolking uit, zij houden de
economie draaiende en leven zeer zelfstandig. Dat wil nog wel eens botsen als
hun mannen één maal 's jaars terugkeren uit hun pensions bij de mijnen in
het noorden en een slaafse en onderdanige echtgenote verwachten aan te
treffen.
|
 |
Voorts wordt er door de achterblijvende mannen (veel jeugdigen en ouden-van-dagen dus) enorm veel gezopen. In sommige plaatsen lijken de ‘bottle
stores’ de supermarktjes te overwoekeren. Tegenwoordig zijn de thuislanden
weer geïntegreerd in de nieuwe democratische republiek Zuid-Afrika. Het is de
vraag of hen dat zal helpen.
(Commentaar
oktober 2000: nee dus.
Commentaar oktober 2008: nogmaals nee dus.)

Een armoedige streek
Een onvruchtbaar gebied dat door het apartheidsregime werd toebedeeld aan de
Xhosa's, maar de verdeling tussen twee provincies moet de ongelijkheden weer
in evenwicht brengen.
CIJFERS
Oppervlakte: 43.798 km2 / Bevolking: 3,3 miljoen inwoners
Bevolkingsdichtheid: 75 inw/km2
Transkei was het eerste gebied in Zuid-Afrika dat door het apartheidsregime
het stempel autonoom thuisland kreeg opgedrukt. In 1994, bij het aantreden
van president Nelson Mandela, werd Transkei verdeeld tussen de provincies
Oostkaap en Kwazulu-Natal. Het voormalige Bantoestan, met een oppervlakte
van ruim 40.000 km² even groot als Zwitserland,
wordt omsloten door de Groot Kei in het zuiden, Drakensberge en de grens met
Lesotho in het westen en de Indische Oceaan in het oosten. De streek bestaat
uit hoogvlakten die worden doorsneden door de diepe dalen van de rivieren
die naar de oceaan stromen. Overal verspreid liggen Xhosa - dorpen. De
hoogvlakten steken uit boven de kustvlakte, die wordt begrensd door de
rotsen van de "woeste kust". Het warme en vochtige tropisch klimaat zorgt
voor een weelderige begroeiing. Transkei bezit weinig delfstoffen. De
economie steunt op de landbouw en op het potentieel aan arbeidskrachten. De
"woeste kust" is echter dankzij de horecavoor-zieningen een toeristische
trekpleister. De Xhosa's zijn de grootste bevolkingsgroep in Transkei.
WETENSWAARDIGHEDEN
Provincies waaronder Transkei valt: Oostkaap en Kwazulu-Natal
Voormalige hoofdstad: Umtata (32.500 inwoners)
Grootste bevolkingsgroep: Xhosa's
Godsdienst: meerderheid animisme
Talen: Engels, Afrikaans, Xhosa
Belangrijkste plaatsen: Butterworth, Port Saint-Johns, Tsomo, Engcobo, Mount
Fletcher, Flagstaff, The Haven, Coffee Bay
Belangrijkste rivieren: Groot Kei, Bashee, Mtata, Umzimvubu, Mtamvuna
Gebergte: Drakensberge
Geboren uit de apartheid
Transkei was een door Zuid-Afrika bedachte staat die nooit door enig ander
land erkend is, maar daarom ook geen buitenlandse steun kreeg.
Toen de eerste kolonisten voet
aan wal zetten in Zuid-Afrika woonden er al Xhosa's in Transkei. Deze
Xhosa's, die net als de Zoeloes tot de etnische groep der Nguni's behoren,
verlieten Zoeloeland aan het begin van de 17e eeuw op zoek naar nieuw land.
Oprukkend in zuidelijke richting stuitten zij op de Trekboeren, die een
verkenningstocht door het Zuid-Afrikaans grondgebied ondernamen. Er volgde
een bloedige strijd die zeventig jaar duurde en eindigde met de annexatie
van het veroverde gebied door de Xhosa's. Nadat zij waren teruggedrongen tot
voorbij de rivier Kei kwam het huidige Transkei in 1894 definitief onder het
gezag van Kaapstad. Transkei werd in 1963 door de regering in Pretoria
aangewezen als autonoom gebied en werd op 25 oktober 1976 onafhankelijk.
Evenals het naburige Ciskei werd Transkei geacht door te gaan als het
vaderland van de Xhosa's, maar het kreeg nooit internationals erkenning.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
Umtata en zijn museum, het centrum van handwerksnijverheid van
Wonkumutu. Port Saint-Johns. De woeste kust. De natuurreservaten Nduli,
Luchaba, Ntsikeni, Malekgonyane, Mkambati, Cwebe en Dwesa.
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Gewassen: mail, sorghum, bonen, tabak. Veeteelt: runderen,
geiten, schapen. Delfstoffen: kleine voorraden koper, nikkel, plating,
titanium en steenkool.
BODEMGEBRUIK
Weide en niet-productieve grond: 76,3% / Droog bouwland:
18,5%, bevloeid : 0,1% /
Bos: 5,1%.
KLIMAAT
Omgekeerde seizoenen. Warme en vochtige zomers. Temperaturen: 16
-25° C in januari, 8 - 20° C in juli.
Een falanx van lansen
Dit machtige massief biedt grandioze panaroma's op de Indische Oceaan.
Het loopt van de Steenbokskeerkring naar het zuiden door de staat
Lesotho langs de Zuid - ¬Afrikaanse zuidoostkust en loopt van het Hoge Veld
van Transvaal en de Oranje - Vrystaat steeds hoger naar het zuiden door. De
Drakensberge omsluiten talrijke hooggelegen plateaus en de Thabana -
Ntlenyana in Lesotho (3482 m) is de hoogste bergtop van zuidelijk Afrika.
Dit uitspansel van lavabasalt uit het Triastijdvak bedekt de lei- en
zandsteen van de Karoo - plateaus en de bergformaties nemen door erosie soms
grillige vormen aan. Sterk ingesneden en steile berghellingen domineren de
kustgebieden, die geleidelijk naar de Indische Oceaan afglooien. Hoewel de
Drakensberge - toppen qua hoogte niet kunnen wedijveren met de Andes, Alpen
of Himalaya, werden de voornaamste pieken pas in de jaren veertig door
Europese alpinisten bedwongen. De Oranjerivier ontspringt in deze
draakvormige keten en stroomt 2000 km oostwaarts om alvorens in Namibië uit
te monden in de Atlantische Oceaan. Het hooggebergte blijft praktisch
onbewoond, maar de valleien zijn des te dichter bevolkt. Nationale parken en
natuurreservaten wisselen zich of en de landstreek staat bekend om zijn
indrukwekkende wilde fauna. De Drakensberge zijn een dorado voor trekkers en
toeristen. Zeldzame rotsschilderingen onthullen een deel van de
Zuid-Afrikaanse prehistorie.
WETENSWAARDIGHEDEN
Nationale parken en reservaten: Royal Natal N.P, Giant's Castle;
Staatsbossen van Highmoor, Mkhomazi, Cobham en Garden Castle;
natuurreservaten van Loteni, Vergelegen en Mzimkhulwana
Belangrijkste plaatsen: Qachas Nek, Mokhotlong, Underberg, Himeville,
Matatiele, Bergville, Winterton, Estcourt, Mooirivier
Doorgang: Sani Pass
Rivieren: Oranje, Tugela, Mkomazi, Umzimvubu
Getuige van de geschiedenis
De kammen van de Drakensberge beheersen het binnenland en de kuststrook,
waar zich de woelige geschiedenis van Zuid-Afrika afspeelde.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
De nationale parken en natuurreservaten, rotswandschilderingen en
-gravures, de fauna, de watervallen van Tugela.
Door de eeuwen heen hebben de door andere stammen verdreven Bosjesmannen, de
oorspronkelijke bevolking, in de Drakensberge hun toevlucht gevonden. De
oudste rotsschilderingen van 25.000 jaar geleden, zijn aan dit oervolk te
danken en gaan verder in de oudheid terug dan die van Lascaux, maar er zijn
ook tekeningen en inscripties van slechts enkele eeuwen oud aangetroffen.
Toen de Nederlandse kolonisten onder Jan van Riebeeck zich in de 18e eeuw
bij de Kaap ontscheepten, troffen zij daar herdersvolken aan, zoals de
Khoikhois en de Bosjesmannen. Stammen als de Sotho's bevolkten toen het Hoge
Veld zuidelijk van de Limpoporivier, de Tsonga's het oosten van Transvaal
en de Nguni's het meer zuidelijke gebied tot aan de westelijke Visrivier. In
het centrum daarvan vormde de Drakensberge een buffer in de stammenoorlogen
en ook een natuurlijke hindernis bij de kolonisatie van Zuid-Afrika. De
Grote Trek van de Boeren verliep langs het gebergte en de "kafferoorlogen"
woedden aan de voet van de Drakensberge. Alleen de Sotho's voelden zich in
dit berggebied thuis. Zij weerstonden de druk van de Afrikaanse stammen en
de Europese kolonisten en vestigden later onder Britse protectie hun
onafhankelijke Lesotho, een enclave in Zuid-Afrika.
CIJFERS
Lengte: 1200 km
Breedte: 60 km
Hoge toppen: Thabana-Ntlenyana, 3482 m, Makheka 3463 m, Giant's Castle 3312
m, Mount Aux Sources 3299 m, Cathedral Peak 3222 m, Ben Macdhui 3001 m, Mont
Fred 2517 m
KLIMAAT
Contrastrijk en sterk gevarieerd. Hete dagen, frisse nachten. Tegengestelde
jaargetijden (zuidelijk halfrond). Gemiddelde temperaturen: 15-30° C in
januari; -2 tot 17' C in juli.
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Landbouw in de valleien van Lesotho: maïs, graan, sorghum, haver, bonen.
Veeteelt op de hoogvlakten. Handwerk. Toerisme.

|