
MYSORE
MEER INFO KARNATAKA
|
MAHARADJASTAD MYSORE
Kramen met exotische geuren.
Mysore ligt op aangenaam koele hoogte op het Deccanplateau. Het is
de stad van het sandelhout. In de straten komt de zoete geur van
wierook en parfum je soms al van verretegemoet. De Devarajamarkt,
waar groenten en fruit op kunstige stapels ligt uitgestald, is een
van de meest fotogenieke markten van het land. De mensen zijn er
heel vriendelijk. Je kunt bij de parfumverkoper in zijn kraam te
snuffelen aan de meest exotische geuren. Een onmisbaar hoogtepunt
van een bezoek aan Mysore is het paleis van de maharadja. Het
adembenemende gebouw is een uitstekend voorbeeld van de
overweldigende pracht en praal waarin de voormalige vorsten leefden.
Enorme houten deuren leiden naar zalen met gigantische zuilen en
prachtige mozaïekvloeren. De felle kleuren en de vele tierelantijnen
maken het geheel nog eens extra bombastisch.
|
Dubbel
maandloon voor chauffeurs
We verlaten het wildpark. Net voor het vertrek krijgen
we ons nog klamme wasgoed retour. Paffie's vrouw, met een aristocratisch air
over zich, zegt ons toe dat we daarom korting krijgen. De chauffeurs krijgen
alvast hun fooi: in totaal vangen ze ieder bijna twee maal hun maandloon! In
een rustig tempo dalen we af naar de vlakte rondom Mysore, dat op 700 meter
hoogte gelegen is. We moeten aan de grens met deelstaat Karnataka weer enige
formaliteiten ondergaan. Ons hotel is centraal gesitueerd. Ernaast is een
uitstekend restaurant waar we onmiddellijk lekker lunchen. Het is er wel te
donker naar onze smaak, maar het kwaliteitsvolle voedsel maakt dit goed.
|
 |
MAHARADJAPALEIS MYSORE
Het fenomenale Maharadja - Paleis in Mysore.
Een van de fraaiste
bouwwerken die we ooit gezien hebben. Het wordt nog steeds bewoond. We
ontmoeten er een zeer Vlaams sprekende Belgische architect die ons
rondleidt. Het museum dat erbij hoort vinden we van duidelijk mindere
kwaliteit.
|
Imponerend
Maharadja-paleis
Op straat nemen we een motorriksja die ons echter,
tegen de afspraak in, eerst naar een souvenirwinkel brengt. We willen dit
persé niet en furieus dwingen we hem terug te gaan en naar het Paleis te
rijden. Naar fooi kan hij fluiten. Bij dat Handicraft Emporium kon de riksja
wallah natuurlijk commissie krijgen, zo gaat dat. Jos koopt een paar bundels
wierookstokjes, specialiteit van Mysore naast het sandelhout, en we gaan het
paleis binnen. Enorm groot en mooi, goed bijgehouden en opvallend veel
autochtone toeristen op de been. We geven onze schoenen af en bekijken de
zaak op ons gemak. Overal straalt luxe van uit: zelden zo'n mooi en rijk
bewerkt gebouw gezien. Niet alles was open, maar datgene wat we konden
bekijken maakte een onuitwisbare indruk op ons. Wat een overdaad. Wat een
schoonheid. We moeten er niet aan denken hoeveel mensenlevens dit alweer
gekost heeft. We ontmoeten er de Belgische architect in ruste Maurice, met wie
we verder optrekken in het Museum. Maurice heeft een “regenscherm" bij zich en een
"poel" aangetrokken. Zijn "foto-appareil" heeft hij in
zijn "valies" laten zitten. Hij koopt enkele
"zichtkaarten" bij een “magazijnke" voor souvenirs. Hij vindt
het best een "schoon" plafond, daarboven ..... Het belendend museum
is minder spectaculair. Wat goud- en zilverwerk, wapens en duur
meubilair, draagstoelen, enz.
|
Paleis van Mysore (Mysore)
Sprookjespaleis
en koninklijke residentie
In de
Zuid-Indiase stad Mysore staan meerdere paleizen, maar met het
Paleis van Mysore bedoelt men de parel in de kroon die Amba
Vilas heet. Op het uitgestrekte, grijs granieten Indo-Saraceense
gebouw staat een toren van vijf verdiepingen, met aan de top een
vergulde koepel. Maar wat in westerse ogen wellicht de meeste
verbazing wekt, zijn de koeien die vrolijk grazen te midden van
de welige tuinen en twaalf hindoetempels die ook deel uitmaken
van het complex. De bevolking van Mysore is hoofdzakelijk
hindoeïstisch en heilige koeien kunnen vrij rondzwerven, zelfs
op koninklijke grond. De geschiedenis van de locatie is
verbonden met die van de Wodeyar - dynastie, de koninklijke
familie van het oude rijk van Mysore. De familie heerste over
het gebied vanaf 1399, toen ze hun intrek namen in een paleis
bij Mysore. De stad werd in 1799 de hoofdstad van het rijk.
"U zult
moeite moeten doen om een onversierd deel van een muur of
plafond te vinden." Frommer’s Review
De eerste
vermelding van een paleis op de huidige locatie stamt uit 1638.
In 1793 zou Tipu Sultan het paleis hebben afgebroken om plaats
te maken voor de nieuwe stad Nazarbadh, en hij verving het oude
gebouw met een houten constructie. Maar in 1897 brandde het
paleis tijdens een huwelijksfeest tot op de grond toe af. De
toenmalige koningin-regentes verzocht de BritsIndiase architect
Henry Irwin om een nieuw paleis te ontwerpen, dat in 1912 werd
voltooid. Na India's onafhankelijkheid in 1947 werd het paleis
staatsbezit, hoewel het deels is overgedragen aan nakomelingen
van Azië. |
Mysore:
stad naar ons hart
We
gaan te voet verder de stad in. Drinken hier en daar thee en koffie, lopen wat
doelloos rond. We kijken onze ogen uit; in deze stad hoef je je geen seconde
te vervelen! We zitten in de buurt van een busstation, daar is altijd veel
volk op de been en dus wat te beleven. Wat is de bevolking van dit land toch
rijkgeschakeerd! Er is geen land op aarde waar zoveel verschillende
mensentypes rondlopen. Alle ervaren reizigers geven dit volmondig toe. We
kunnen dit alleen maar beamen. Mysore is nu al een stad naar ons hart. Konden
we hier maar enkele dagen langer blijven. Lekker eten kun je er ook. In het
‘Jewel Rock Restaurant’ richten
we onder ons tweetjes een waar feestdiner aan: soep, Amerikaanse steak,
sizzler-vlees, spinazie, noodles en flessen gekoeld San Pedro-bier. Die
uitspatting kost ons nog geen zeven gulden de man, inclusief een ruime fooi.
Bioscoop,
goedkoop massa entertainment
Een
avondwandeling volgt. In de buurt ligt een grote bioscoop, naar de film gaan
is het enige amusement wat men hier kent. De filmtheaters zitten dan ook dag
in, dag uit stampvol. Ernaast is een zeer ruime fietsen en bromfietsenstalling,
bewaakt en al. We slaan water, whisky en sigaretten in aan een stalletje.
De
hotelbar ziet er echt westers uit en het prijspeil is beschaafd, evenals de knipmessende kelners. Thieu komt binnen en laat foto's zien die hij in Mysore
heeft laten ontwikkelen. De kwaliteit is ook naar onze maatstaven goed te
noemen. Een idee voor ons, morgen maar eens een proefrolletje wegbrengen.
|
 |
Verkeerde laundry bezorgd
Om half zeven gaat de deurbel en direct daarop stapt
een jochie met wasgoed ongegeneerd binnen. We liggen nog te pitten. Clim vindt
dit maar brutaal, maar betaalt de knaap toch de 'laundry fee'. Jos ontdekt dat de
fris gewassen kleren ons helemaal niet
toebehoren. Er ontstaat een hele scène, het jochie begrijpt er niets van, de
floormanager evenmin. Dus de grote baas er maar bij gehaald. Na veel vijven en
zessen wordt de zaak gesust. Het ergste vinden we het feit dat het personeel
zomaar overal onbekommerd binnenstruint.
We ontbijten om de hoek in een autochtone eettent. We eten
er een voedzame uiendosa,
een soort pannenkoek. We zijn er de langzaamste eters, de Indiërs schrokken
hun maal vliegensvlug op, misschien bang dat iemand hun het voedsel komt
afpakken. Jos start na lang aarzelen met een antibiotica kuur. Zijn koortslip
is uitgegroeid tot een forse zoeloelip en is erg pijnlijk. Het is geen
gezicht. Het veroorzaakt ook moeilijkheden met eten, vooral bij pittige kost
waarvan juist hij een ware liefhebber is.

Processie
op Chamundi Hill
Tegen tien uur pikt Francis, ‘driver number two’,
ons op en rijden we naar het pelgrimsoord Chamundi Hill. Alweer een heilige
tempel, lastige venters, een ceremoniële tempelkarprocessie, een sadhoe met
een 2 meter lange haarvlecht, opdringerige Brahmaanse gidsen. Een fles water
loopt in Clim zijn schoudertas leeg, waarop hij vloekend al zijn natte
spullen, waaronder reispapieren en paspoort, in de zon te drogen legt.
Op de terugweg bezoeken we nog de kolossale Nandi-stier halverwege de
helling. Het stikt er van de brutale apen. Een van hen probeert de
ruitenwisser van ons busje los te wrikken. Aardig panorama van de stad die aan
onze voeten ligt. Francis gaat op zoek naar groepsgenoten. Die zijn
achtergebleven, denkt-ie, maar wij weten dat ze te voet de berg zijn
afgelopen. Francis is er echter niet gerust op, we denken dat hij de toorn van
de toeans vreest, mocht hij hen toch vergeten zijn.
Thee in
stijl in Lalgita Paleis
We rijden naar het imposante Lalgita Palace, een
voormalige maharadja paleis dat we al in de verte in de vlakte hadden zien
schitteren . Het is tegenwoordig een vijfsterrenhotel. We drinken er thee met
enkele anderen, geheel in stijl. Francis blijft in het busje, hij voelt zich
niet thuis tussen het glimmende marmer en de geslepen spiegels. We bezichtigen
de stijlvolle, overkoepelde eetzaal, de trappen van koninklijke omvang, de
standbeelden, reliëfs, schilderijen en kroonluchters. De clientèle bestaat
overwegend uit Fransen en Italianen, als rechtgeaarde levensgenieters eisen
zij ook in den vreemde het neusje van de zalm. De prijs van onze vier kopjes
thee is een equivalent van 100 kopjes aan een stalletje langs de straat. Maar
goed, theedrinken in het Lalgita Palace heeft een ruime toegevoegde waarde
waarvoor we graag extra diep in de buidel tasten.
|
 |
LALGITA MAHAL
Een ander voormalig Maharadja Paleis waar we in stijl thee drinken. Momenteel in
gebruik als vijfsterrenhotel voor Fransen en Italianen. Het is een en al
pracht en praal wat hier blinkt. Veel paleizen van voormalige
maharadja's in India zijn opengesteld voor reizigers met een dikke
beurs. Hoewel we er nooit verblijven, gaan we er wel vaak koffie of thee
drinken. Daar maken ze hier een hele ceremonie van.
|
Rooms-katholieke
kathedraal
Eenmaal terug in het centrum moeten we eerst geld
wisselen (persoonlijke ontvangst, het kantoormeubilair is allemaal genummerd),
naar het postkantoor (probleemloze afhandeling, zie je wel dat deze stad oké
is) en de fotostudio. De foto's zijn goed en Clim springt in een riksja om nog
eens 10 rolletjes in het hotel te halen. Daarna komen we al rondwandelend door
een Islamitische wijk terecht bij de rooms-katholieke kathedraal St. Philomena.
Het is een middelgrote kerk met een crypte die druk wordt bezocht. Op en aan
het kerkplein liggen lagere scholen. Daar gaan we een kijkje nemen.
 |
SCHOOLPLEIN MYSORE
Dinsdagmiddag. Het is
rustig op de speelplaats van de Heilig Hart basisschool....
|
 |
....totdat de kindertjes
er achter komen dat op het plein een dikke, bebaarde blanke man met een
fotocamera rondscharrelt.
|
 |
Onder oorverdovend
gejuich dringen ze op en bestormen de arme fotograaf die rap een
goed heenkomen moet zoeken.
|
Onze komst
baart groot opzien. De kindertjes verdringen zich met honderden om ons heen.
De oudere spreken al wat Engels en willen piloot of dokter worden. De meisjes
houden zich afzijdig. Overal zitten kinderen op het gras te eten, hun lunch
bestaat uit een pannetje rijst. We maken een praatje met een onderwijzeres die
ons vertelt dat er 1.050 leerlingen zijn, verdeeld over 15 klaslokalen. Jos
noemt zijn naam en de kinderen scanderen: "Jos! Jos! Jos!". Als Clim
zijn fototoestel te voorschijn haalt, is het hek van de dam. Het gejoel
krijgt orkaankracht en de meute wil op de foto, liefst allemaal tegelijk. We
moeten ons terugtrekken; de allerkleinsten dreigen in het gewoel onder de voet
te worden gelopen. Dat willen we niet op ons geweten hebben. Overigens, de
school is wel christelijk, maar er mogen ook Hindoe- en Moslimkinderen naar
toe. Tenslotte wat de kerk betreft: er is een Lourdes-grot ter ere van de
Maagd, mooie glas-in-lood ramen, in de crypte ligt Lazarus en in de zijbeuken
bevinden zich de 12 staties. De stijl is neogotisch.
Brutaal de
universiteit verkennen
Met de riksja rijden we naar het westen van de stad,
waar een verzameling monumentale gebouwen ligt. De meeste stammen uit de
Engels koloniale tijd en zijn nu kantoren van ministeries of dependances van
de Universiteit. We lopen overal gewoon naar binnen en bekijken alles op ons
gemak. Nergens worden we weggejaagd. In slechts een van de zalen van de
universiteit mochten we niet binnen; er is net een examen. In een Instituut
voor Sanskrietstudies krijgen we van de plaatselijke filoloog een
rondleidinkje: hij toont ons duizenden rollen manuscripten op papyrus en
perkament die nog niet vertaald zijn. Geschatte ouderdom 2500 jaar. Misschien
zitten er wel stukken bij van onschatbare historische waarde. Er liggen ook
palmbladeren opgeslagen, ingekerfd met schrifttekens van een lang verloren
taal. In een wel erg armzalige mensa, een gebouw zonder wanden, wordt ons voor
een dubbeltje een bord rijst met pepertjes opgediend. Af en toe worden we
aangesproken door de studenten of wetenschappelijke assistenten die allen goed
Engels spreken.
|
 |
LEVENDIGE
MARKTEN
In India zijn de markten over het algemeen zeer levendig en
kleurig. De plattelanders die er hun producten verkopen gaan vaak nog
traditioneel gekleed.
|
Levendige
groentemarkt
Als we weer terug zijn in het centrum kopen we bij
een moslimwinkel enkele mooie beeldjes van sandelhout. Jos betaalt er met zijn
Visa‑kaart. Er heerst een oosterse sfeer en de jonge, gladde verkoper
weet hoe hij met westerse klanten moet omspringen. Vlakbij ligt de Devaraja
groentemarkt, zeer kleurig en netjes met goedlachse handelaars. We maken er
heel wat foto's. Een aantal ervan sturen we later op, we hebben de adressen
van de handelaren genoteerd. In de buurt moet ergens een moskee zijn die we
willen opzoeken, maar we vinden de ingang niet. We zien wel de minaretten,
maar het heiligdom is geheel omsloten door woonhuizen. V66r negen uur gaan we
de foto's ophalen. We zijn tevreden over het resultaat.
De groep
gaat uit eten met 14 personen, zonder ons en nog enkele andere mavericks
en/of zieken. Later blijkt dat zij 2 uur hebben moeten wachten voor het eerste
gerecht op tafel verscheen, en dan ook nog eens het verkeerde! Inwendig
verkneukelen we ons van gelijkhebberige pret. Soms is enig leedvermaak ons
niet vreemd. Keer op keer loopt het mis met die gezamenlijke culinaire
etentjes. Wat zijn we blij dat we ons daarvan af hebben gemaakt.
Basisbehoeften
op de nachtmarkt
Tegen sluitingsuur (23.00 uur) zitten we nog in de
bar, als plotseling een hele groep reisgenoten binnenkomt. Er wordt fors
gedronken en kijk, de bar blijkt toch door te kunnen gaan tot de kleine
uurtjes. Zolang er maar klandizie is; een gezond standpunt volgens ons. We
maken gretig van de gelegenheid gebruik en bestellen opnieuw, nu ook voor
Myriam die bij ons is komen zitten. Jos gaat nog even op de nachtmarkt water, whisky
en sigaretten (“Gold Flak, no filter, please!”) halen en komt terecht in
een meeting van honderden riksja's.
Zeven
tussenstops
We staan om zeven uur op. Het is maar 150 km naar
Bangalore, maar we zullen nog "een paar" tussenstops maken onderweg,
daarom vertrekken we toch op tijd. Niemand ontbijt, op ons na. We eten om de
hoek in de autochtone tent waar de anderen het te vies vinden. Dat is
volstrekt bezijden de waarheid, naar Indiase begrippen is het er schoon en
netjes. Ze willen gebakken eieren met spek, daar zit 'm de kneep. Nu gaat dat
er bij ons ook in, maar in India kun je nu eenmaal niet alles hebben. Om kwart
over acht vertrekken we voor een laatste gezamenlijke, en dit keer melige rit
over de hoogvlakte van Karnataka. We stoppen welgeteld 7 keer:
|
1 |
Vesting in
ruïnes van Tipu Sultan in Srirangapatnam. Kerkers bij de rivier. Tipu
Sultan en zijn vader Hyder Ali waren de laatsten die zich verzetten tegen
de expansie van de Engelsen in de achttiende eeuw. Toen het verzet van
Tipu Sultan was gebroken, werd de hegemonie van de Engelsen in Zuidelijk
India onbetwist. Die duurde tot 1947. Verwoesting van dit fort/deze
vesting: 1799.
|
| 2 |
Daria Daulat Bagh. De tuinen en een mooi paviljoen (helaas gesloten) van
Tipu Sultan, in goede staat behouden, welverzorgd. Zomerpaleis, mooi
wandschild!
|
| 3 |
Mausoleum Gulbaz, Tipu's graf in Moorse moslimstijl,
koepel. Tuinen.
|
| 4 |
Riverside Hotel, groepsontbijt, betaald uit
het groepspotje. Voor het eerst verliep het eten zonder hapering, waarvoor
hulde! Aan de
oever van een snelstromende rivier volgt een briefing.
|
| 5 |
Fotostop voor armzalige hutjes en sloebers, waaraan wij niet meededen.
|
| 6 |
De chauffeurs moeten piesen.
|
| 7 |
De chauffeurs wensen hun middagmaal te gebruiken,
zoals gewoonlijk een fors bananenblad vol rijst met groente, met de hand
naar binnen gewipt.
|
MEER INFO KARNATAKA
Een productieve streek
De streek die vroeger Mysore werd genoemd, strekt zich uit
langs de
Arabische Zee en wordt in het midden
beheerst door de Westelijke Ghats.
De deelstaat Karnataka, die grofweg samenvalt met het vroegere vorstendom
Mysore, ligt in het zuidwesten van India op de westelijke helft van het
centrale Deccanplateau en heeft een lange kust aan de Arabische Zee. De
deelstaat bestaat uit drie delen. De kust van Malabar is een smalle
vruchtbare kuststrook waar veel rijstvelden en kokosplantages zijn te
vinden. Landinwaarts gaat deze kuststrook over in een hooglandgebied dat
begroeid is met dichte wouden. Deze beslaan 16% van het oppervlak van
Karnataka en leveren bamboe, teak-, sandel- en rozenhout. Deze hooglanden
worden overheerst door het Westelijke Ghatsgebergte. Het oostelijk deel van
Karnataka wordt voor het grootste deel ingenomen door het Plateau van Mysore,
dat zich verheft boven een uitgestrekt stelsel van dalen. Dit buitengewoon
droge gebied van hoogvlakten heeft een woest en kaal landschap doordat de
toppen van de Westelijke Ghats de vanuit het westen waaiende moesson
tegenhouden. Een stelsel van irrigatiekanalen dat werkt met ouderwetse (anicut)
of moderne dammen leidt het water van de Krishna en de Tungabhadra in het
noorden en van de Kauviri in het zuiden naar de droge streken, die zo toch
in cultuur gebracht kunnen worden. Mede hierdoor levert de landbouw de helft
van de inkomsten van Karnataka.
CIJFERS
Oppervlakte: 191.800 km2
Bevolking: 45 miljoen inwoners / Bevolkingsdichtheid: 234
inw./km2
Hoogste punt: 1923 m (Mulainagiri)
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Landbouw: rijst, gierst, hevea, citrusvruchten, thee, koffie, specerijen
en zijderupsteelt.
Handwerknijverheid, confectie. Mangaan, ijzer, mica, koper, goud, chroom,
magnetiet.
Werktuigbouw, textielindustrie, kunststoffen, staal, cement. Computers,
klokken, vliegtuigen. Toerisme, bedevaart.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
In het noorden: Bijapur, Goa, Ba¬dami, Aihole, Pattadakal, Hampi.
In het zuiden: Sringeri, Halebid, Belur, Sravanabelgola (ten zuidoosten van
Hassan), Mysore, Somnathpur
Steeds wisselende vorstenhuizen
Het vroegere Mysore was een sultanaat, maar de loop van zijn geschiedenis
is
ook in sterke mate bepaald door de hindoeïstische vorstenhuizen
die over
deze streek geregeerd hebben.
WETENSWAARDIGHEDEN
Hoofdstad: Bangalore (2,6 miljoen inwoners)
Andere steden: Belgaum, Bijapur, Gulbarga, Davangere, Bhadravati, Mangalore,
Mysore
Talen: Kannada, Urdu, Tamil, Telugu, Konkani, Marathi
Munteenheid: Indiase roepie
Godsdiensten: hindoeïsme (84%), Islam (12%), Christendom (2%), overige (2%)
Gebergte: Westelijke Ghats
Rivieren: Bhima, Krishna, Tungabhadra, Hagari, Kauviri
Belangrijkste meer: Bhadra
In de loop der eeuwen werd het gebied dat nu Karnataka heet geregeerd door
een reeks van vorstenhuizen. In de 3e eeuw bestuurde het Maurya - rijk het
gebied. Tussen de 6e en 8e eeuw was de Chalukya - dynastie heer en meester
over het grondgebied van Karnataka. De Chalukya breidden hun macht uit tot
over de zuidelijke Staten waardoor zij tussen de 10e en de 12e eeuw een
machtig koninkrijk konden vormen en in staat waren te wedijveren met het
Chola - koninkrijk, dat het centrale deel van het Deccan - plateau in handen
had. Verder naar het zuiden regeerde de Hoysala-dynastie, maar na de
mosliminvasies van 1311 en 1327 kwamen deze gebieden in handen van het
hindoekoninkrijk Vijayanagar. Toen de Mogol - dreiging groter werd, viel het
gebied uiteen in een veelheid van kleine vorstendommen. Het hindoekoninkrijk
Wodeyar verwierf in het zuiden van India de meeste macht en viel in handen
van Haidar Ali, die werd opgevolgd door zijn zoon Tippu Sultan. Net als zijn
vader verzette deze zich met steun van de Fransen tegen de indringende
Engelsen en Marathen in het zuidelijk deel van het Deccan - plateau. Dit
leidde tot het uitbreken van de oorlogen van Mysore, waarvan de vierde in
1799 eindigde met de nederlaag van Tippu Sultan. De Britten lieten
vervolgens de troon over aan de Wodeyar-dynastie, die over Mysore regeerde
tot de herindeling van de Deccanstaten in 1956. In 1973 werd de naam van het
gebied veranderd van Mysore in Karnataka, een Indiase deelstaat die
samenviel met het taalgebied van het Kannada. Er bestaan echter omvangrijke
minderheden die andere talen spreken, waaronder het Tamil, het Telugu en het
Konkani.
KLIMAAT
Tropisch. Moesson van juni tot September. Gemiddelde temperaturen: 20° C in
januari, 23 ° C in juli.


|