|
|
CALGARYSuite in een glaspaleis Calgary, ons doel vandaag, ligt dan nog 180 km noordelijker. Aan de zuidkant van de stad rijden we aan het Stampede Park voorbij. Daar komen jaarlijks een miljoen bezoekers op af tijdens de Calgary Stampede, een festijn vol wild west - activiteiten, waaronder calf roping, rodeo, bull riding, chuck wagon racing (huifkarraces) en dergelijke. We rijden er in het rush hour rond 18.00 uur binnen. We vinden ons midden in de glazen hoogbouw van het centrum gelegen International Hotel relatief gemakkelijk. We parkeren in de ondergrondse garage achter het hotel, kosten: 20 dollar. Ook hier krijgen we weer een suite, het kan niet op. We ontvangen een aparte sleutel voor de koelkast. Jos vergaat nog steeds van de pijn aan zijn kaak en vraagt aan de receptie naar het adres van een dentist. Het telefoonnummer dat hij krijgt, heeft alleen een antwoordapparaat met doorkiesnummers van een tiental dokters en tandartsen. Verslagen legt hij de hoorn op de haak.
Authentiek Chinees maal We verkennen de omgeving tot aan de dubbele brug met interessant beeldhouwwerk over de Bow River. Vlakbij het hotel ligt ook het Chinese Cultural Center met zijn typische oosterse bouw. Bij een Chinese apotheek probeert Jos zonder recept antibioticum op de kop te tikken. De apotheker, een etnische Vietnamees trouwens, blijft onvermurwbaar en wenst het spel alleen volgens de regels te spelen: no prescription, no medicine! We eten echt Chinees in een zaak vol autochtone Chinezen. Echt lekker smaakt het allemaal niet (varkenssoep, brrrr…), maar het is er wel, naar zowel Nederlandse als Canadese begrippen, spotgoedkoop.
Veel commercials op televisie Terug op de kamer blijkt de koelkast stuk. We roken op het balkon. We hebben in Waterton (geen bereik van de tv tussen de bergen) een etappe van de Tour gemist, maar die kunnen we nu dankzij de ellenlange, vaak door tal van reclameboodschappen onderbroken samenvattingen inhalen. Jos lijdt steeds meer kaakpijn en neemt ten einde raad twee maal vlak achter elkaar een dubbele dosis Saridon in. Dat blijkt te helpen, want de volgende morgen blijft slechts een smeulend restje zeurpijn over.
Walkways: ’s winters heel handig We blijven die ochtend in Calgary hangen. We bekijken de moderne stad voornamelijk vanuit de overdekte walkways, ook wel skyways genoemd. Deze luxueuze bovengrondse gangen verbinden de wolkenkrabbers met elkaar en zijn verdomd handig in de wintermaanden als buiten de sneeuwstormen voortjagen en de temperatuur tot ver onder de vriespunt is gedaald. Men kent op de prairie strenge winters. We ontbijten vorstelijk tussen de yup’s op het Sunterras van het Canada Center, onwaarschijnlijk goedkoop ook nog. Dat verwacht je niet in zo'n supermodern gebouw vol snelle kantoorjongens.
Canada is en blijft klassiek immigratieland De bediening bestaat voornamelijk uit goedkope arbeidskrachten die volgens Jos (een kenner, hij geeft NT 2 - lessen aan buitenlanders) uit hele hordes asielzoekers uit Afrika en Azië gerekruteerd zijn. Canada is zeer populair onder de (politieke en economische) vluchtelingen. En terecht, want het is en blijft een klassiek immigratieland, dat aan migranten met zijn multi-ethniciteit en multiculturele tolerantie veel kansen biedt.
Koolzaadvelden en weilanden Om twaalf uur verlaten we de stad. We steken de Bow River over en missen op de een of andere manier de afslag naar Highway nr. 2 die noordwaarts richting Edmonton voert. Op goed geluk rijden we parallel aan deze uitvalsweg verder naar het noorden, door nieuwbouwwijken en industrieterreinen. En ineens staan we tussen de velden, een dergelijke abrupte overgang van stad naar platteland hebben we zelden meegemaakt. We rijden tussen de eindeloze koolzaadvelden en de groene weidevlakten met hier en daar als een oase een eenzame farm. Er is geen boom te bekennen. Dit moet de streek zijn waar Evert van Benthem, de laatste winnaar van de Elfstedentocht, zijn heil heeft gezocht, kotsmoe van de Nederlandse / EU - regelzucht op agrarisch gebied. Na een tijdje buigen we oostwaarts af en komen tenslotte toch bij Airdrie uit op de Highway 2. NBWe slaan hieronder een stuk van de reis over en geven alleen een beknopt verslag van de laatste dagendie we in Calgary doorbrengen voor we naar huis vertrekken. Voor onze belevenissen op de prairie enin Edmonton, ga naar de volgende pagina van de reis.
De laatste dagen van onze reis komen we in Calgary terug. Aangezien Jos ziek is, zijn we niet in de gelegenheid om de stad verder te verkennen. Van hieruit vertrekken we terug naar Nederland, via een overstap in Minneapolis in Minnesota (USA). Plaatsen voor het vliegtuig reserveren We rijden voor het laatst door de prairie op weg naar Calgary. Onderweg is niets bijzonders te zien, of het moeten de nieuwe satellietstadjes van de nabijgelegen miljoenenstad Calgary zijn. Jos navigeert Clim foutloos naar de luchthaven ten noorden van de stad. Niet dat dit zo’n kunst is, de richting airport staat overal met koeienletters aangegeven. Daar stoppen we bij de arrivals op een parkeerplaats waar we maar even mogen staan, ze is bedoeld voor in- en uitstappers. Jos regelt binnen twee e-tickets met de codes die hij heeft ontvangen, de plaatsen in het vliegtuig worden hiermee automatisch gereserveerd. Hij moet eenmaal terugkeren omdat hij de pas van Clim nodig heeft. We staan veel te lang geparkeerd, maar omdat Clim bij de auto post heeft gevat laat de geüniformeerde parkeerwachter ons met rust. In ieder geval sommeert hij ons niet om te vertrekken, wat hij bij andere langparkeerders wel doet.
Comfortabel hotel We rijden terug naar Calgary. In de outskirts van de city letten we even niet op geld en kiezen we het eerste de beste hotel dat we tegenkomen. Het wordt de relatief dure Hampton Court Inn, waar we in de lobby een uur moeten wachten tot onze kamer gereed is. Jos weet gelukkig zijn hik regelmatig in bedwang te houden door koolzuurhoudende dranken te nuttigen. Zo wekt hij kunstmatige boertjes op, waarna hij een kwartiertje of zo hikvrij is en weer kan recupereren. Onze kamer is erg comfortabel, wat ons in dit land niet meer kan verbazen. Je krijgt hier echt value for money. En aan money hebben we gelukkig vooralsnog geen gebrek. Clim moet ’s avonds weer in zijn uppie gaan eten, hij doet dit in een vestiging van de broodjeszaak Subway.
Huurwagen inleveren, schade rapporteren Het ontbijt, bestierd door een Russische, is bij de hotelprijs inbegrepen. Hoewel het er smakelijk en zeer uitnodigend uitziet, houdt Jos het alleen bij thee. Eten durft hij nog niet aan. We rijden naar de luchthaven, waar we onze trouwe Ford Fusion inleveren. De schade wordt opgenomen en Clim moet daarvoor een stel formulieren invullen. Er wordt niet moeilijk over gedaan, de verzekering dekt immers de grootste schade. Wijzelf hebben echter toch nog € 500 eigen risico aan de broek hangen. In Canada al door USA – customs en douane Echt veel tijd om in te checken hebben we niet meer. De vlucht vertrekt om tien over tien, wat we toch nog ruim halen. De machine zit vol. We moeten hier op Canadese bodem al door de Amerikaanse customs, wat we maar vreemd vinden. Nou ja, dat maakt ons kortstondige verblijf tijdens de overstap in Minneapolis gemakkelijker hopen we. Onderweg krijgen we alleen iets te drinken. De stewardessen zijn weer allemaal bijna bejaard, het voordeel hiervan is dat zij ook zeer ervaren zijn. Bagage: wel of niet doorgelabeld? In Minneapolis staan we bij de verkeerde bagageband op onze tassen te wachten. Nadat Clim bij een juffrouw van het grondpersoneel geïnformeerd heeft, blijkt Calgary tot de USA te horen (!) en een heel andere band aan de andere kant van de hal toegewezen te hebben gekregen. Zij verzekert ons ook dat onze bagage definitely doorgelabeld is naar de vlucht naar Amsterdam, dat nemen we dus maar aan. Het vliegtuig vertrekt stipt op tijd. Jos heeft het tijdens de nachtvlucht erg zwaar met zijn hik. Regelmatig maakt hij lange (beter is: langdurige) wandelingen door de cabine. Gelukkig kan hij wel iets eten en krijgen we genoeg te drinken om ons vochtniveau op peil te houden.
Vroege aankomst op Schiphol Airport Door een gunstige jet stream hoog in de lucht boeken we een half uur tijdwinst. We ondervinden op Schiphol geen problemen met de bagage die inderdaad doorgelabeld blijkt te zijn. Het eerste wat we doen als we in de vertrekhal van Schiphol aankomen is een sigaret opsteken en koffie drinken. Daarna kopen we eersteklas kaartjes bij de NS voor onze treinreis naar huis. Taxi laat op zich wachten Om half tien staan we voor het station in Roermond op een taxi te wachten. Het duurt een hele tijd voor er een komt opdagen, tekenend voor het serviceniveau in Nederland, zeker als we dit vergelijken met de gedienstigheid en de klantvriendelijkheid van het personeel in Canada. We zijn weer terug in ons eigen landje! Zo rond tien uur stappen we na een kleine maand weg te zijn geweest weer binnen in onze eigen huis. Het ruikt er muf op de gang en in de serre. Er blijkt weer wateroverlast te zijn geweest, maar deze keer wat minder ernstig dan twee jaar geleden. Toen keerden we terug van een vakantie door de Baltische staten en bleek de hele begane grond en de kelder na een hevig noodweer overstroomd te zijn geweest.
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|