|
NB
In het hieronder volgende verslag laten we steeds terugkerende gebeurtenissen
zoals ontbijt, inchecken bij hotels, kamerindeling, geld pinnen, avondeten en
tijd van slapen gaan onvermeld, tenzij er iets opvallends bij gebeurt. De
avonden brengen we steeds door op de hotelkamer, lezend en tv kijkend.
Documentaires, het UEFA- toernooi voor voetballers onder de 20 jaar (dat in
Canada wordt gespeeld) en de etappes van de Tour de France (die hier in Canada
tot onze verrassing uitgebreid gecovered worden) hebben daarbij onze voorkeur.
|
DAG 1 / do 5 juli |
REISDAG HEEN |
|
Traject |
Roermond – Amsterdam –
Minneapolis – Calgary - Banff |
|
Accommodatie |
Aspen Lodge Banff |
Afstand:
144 km |
(Voor meer informatie over
vliegperikelen, zie het hierbij ingesloten e-mail bericht naar enkele vrienden
op de volgende bladzijd e.)
Strenge controles Schiphol
’s Ochtends om 08.00 uur met de taxi naar het station
richting Schiphol, waar we even na tienen al aankomen. Bij de handbagagecontrole
moet Clim zijn blikjes fris, tandpasta en scheercrème inleveren, nou ja, het
wordt gewoon geconfisqueerd. Het inchecken duurt vanwege verscherpte
veiligheidsmaatregelen langer dan vroeger. Zo moeten we ook onze schoenen
uitdoen.
Overstap in Minneapolis
De vlucht naar Minneapolis met North Western Airlines (een
partner van KLM) duurt acht uur. Aldaar moeten we in de USA opnieuw alle
controles ondergaan, ook moeten we onze bagage oppikken en weer inchecken,
onze e-boarding passes (een dag van te voren aangeschaft via
internet) zijn daarbij wel handig. Daarna hebben we een
uurtje of zo tijd om bij Starbucks koffie te drinken op de moderne luchthaven.
Halverwege de middag (lokale tijd) vliegen we in een aftandse machine met bijna
bejaard personeel door naar Calgary. Deze vlucht duurt tweeëneenhalf uur, langer
dan we verwachten. Gelukkig is de douane in canada een stuk soepeler. Ook aan de
balie van de autoverhuurmaatschappij Hertz loopt het gesmeerd dankzij onze bij
reisorganisator Jan Doets verkregen vouchers. Al die tijd hebben we niet kunnen roken. Een
eerste, lang verbeid paffertje kunnen we pas buiten opsteken.
|

|
Onze eerste huurauto ooit
Onze auto voor vier weken is een rode Ford Fusion met het
kenteken G 69185 van de staat Alberta, the White Rose Country. De auto
lijkt erg veel op onze Volvo S 40, niet alleen wat motorvermogen en allerlei
gadgets betreft, maar ook de kleur komt min of meer overeen. Over toeval
gesproken. Clim kan al gauw goed uit de voeten met de automatische versnelling
en we rijden over brede snelwegen eerst naar Calgary, waar we in het drukke
verkeer terecht komen, ook al is het dan al acht uur ’s avonds. In Calgary
haalde Yvonne van Gennip haar gouden medailles tijdens de Olympische
Winterspelen van 1988. |
Highway No 1
We nemen de afslag naar de Canadese Highway No 1 die ons
rechtstreeks naar Banff in de Rocky Mountains leidt. Van deze Highway (een
gewone autosnelweg zonder gelijkvloerse kruisingen) zullen we vaker gebruik
maken, hij loopt van Oost – Canada tot Victoria in West – Canada, in totaal een
afstand van meer dan 6.000 km! Calgary zelf ligt aan de rand van de prairie die
we vanuit de lucht duidelijk konden ontwaren. Aan onze linkerkant ligt even ten
westen van de stad het Canada Olympic Park met zijn duidelijk zichtbare 90 meter
schans. Niet alleen in de winter, maar ook 's zomers schijnt er van alles te
beleven te zijn, onder andere simulatoren waarmee men bobsleeën en skisprongen
aan den lijve kan ondervinden. De bergen doemen als een
donkerblauwe muur voor ons op, de ondergaande zon geeft ze een magische glans en
uitstraling. Naarmate we dichterbij komen schijnen ze te groeien en wisselen de
kleuren zich van lichtgrijs en groen tot paars en diepzwart. We voelen ons
allebei lekker. Clim probeert de wagen uit, onder meer de cruise control
die op deze brede wegen met weinig verkeer ideaal is. Aan het begin van het
natuurpark van Banff (het oudste en kleinste natuurpark van Canada, 6641 km²
groot) betalen we een soort tol die tot zaterdag geldig is, d.w.z. tot en
met Jasper.

’s Avonds in Banff
De duisternis is al gevallen als we via het aan een meer
genestelde vakantieoord Canmore in Kananaskis Country (veel outdoor -
activiteiten in de foothills van de Rockies) in het hoger gelegen Banff aankomen. We vinden
moeiteloos ons hotel. Geen kunst, want het plaatsje bestaat feitelijk uit één
lange straat vol hotels, salons, bars, pubs, inns, restaurants en gift shops
(souvenirwinkels). Clim noemt het een beschaafd soort Valkenburg, maar dan wel
in de upmarket section. Van oorsprong is het een wintersportplaats, maar
ook in de zomer komt de toerist hier ruimschoots aan zijn trekken. Veel de meer
cultureel ingestelde reizigers zijn er ook diverse musea ondergebracht. Je kunt
er met een gondel tot 2200 meter hoogte gaan voor ongekende vergezichten over de
bergen en meren. De kamer is ok, we mogen er weliswaar niet roken,
maar op het balkon staat wel een asbak! We gaan onmiddellijk het stadje
verkennen. We belanden in een sfeervolle Ierse pub, waar we genieten van het
frisse bier. We pinnen er onze eerste Canadese dollars, meestal een bedrag van $
300, wat neerkomt op € 210. Eén dollar is dus zeventig eurocent waard. Op de
kamer nippen we van onze heupflacon whisky voor we om één uur gaan slapen; het
is dan eigenlijk negen uur ’s morgens Nederlandse tijd.
|
Dag ..... en .....,
(…………)
hier zijn we dan
weer, terug van weggeweest. Onze reis had een nogal turbulent begin.
's Middags voor de vertrekdag kregen we bericht dat de vlucht naar
Calgary wegens technische problemen geannuleerd was. Wat nu te doen?
Reisorganisator Jan Doets heeft toen te elfder ure een vlucht met
North West Airlines op dezelfde dag (dat was nodig i.v.m. de
hotelreserveringen en ons reisschema) een elektronische vlucht via
Minneapolis (USA) naar Calgary geboekt. Dat verliep goed, zij het
dat we moesten overstappen en door de US Customs (nogal
streng) moesten, 's morgens eerder moesten vertrekken en pas laat in
de avond (ondanks het tijdverschil van 8 uur) aankwamen in
Banff, onze eerste stopplaats op zo’n 150 km van Calgary.
(……………)
Jos en Clim
|
Ochtendrituelen
De ochtenden voltrekken zich altijd volgens eenzelfde
ritueel. Jos staat tussen half acht en acht uur op, neemt een douche, waarna
Clim tegen half negen aan de beurt is. Na negenen gaan we ontbijten in een
nabijgelegen restaurantje. Dat ontbijt bestaat bijna altijd uit “eggs and
bacon” (Clim) en “eggs and sausages” (Jos). De bediening is er snel en
efficiënt; de fooi die men er verwacht is meestal dan ook geheel terecht. Daarna gaan we dan zo rond de klok
van tienen op pad. Jos is dan degene die het uitchecken (en eerder het
inchecken) voor zijn rekening neemt, terwijl Clim de auto voorrijdt.
Ontbijt niet inbegrepen
In dit hotel is het ontbijt bij uitzondering wél bij de
prijs inbegrepen, een continentaal ontbijt wel te verstaan zonder vlees, kaas en
eieren dus, maar wèl met marmelade en muffins. Bij alle andere hotels is het
ontbijt ‘not included’, bij sommige motels krijg je ’s morgens gratis (slappe)
koffie, witbrood en jam aangeboden. Daar maken we echter niet altijd gebruik
van.
FOTOCOLLAGE BERGEN 1 /
FOTOCOLLAGE BERGEN 2 /
FOTOCOLLAGE MEREN /
FOTOCOLLAGE WATERVALLEN
Jasper en Banff
De ruimte van Jasper en Banff. In de
Canadese provincie Alberta grenzen twee parken aan elkaar. Als
rondreiziger zie je ze beide, want de spectaculaire 200
kilometer lange Icefield Parkway begint in Banff en eindigt in
Jasper. De weg gaat door een dal met aan beide kanten bergen
getooid met enorme gletsjers. Je kunt zelfs ijsexcursies maken,
zoals een 'IJsbustocht' over de Athabascagletsjer. In dit
enorme, schaars bewoonde gebied laat de Canadese natuur zich in
zomer en herfst van haar rijkste kant zien. Bij Banff hoge
bergen, canyons en prachtige meren en bij Jasper het
Maligne-gletsjermeer, hoogvlakten en dichte wouden. Voor de
bezoekers zijn er voldoende overnachtingsmogelijkheden, ook zijn
er fiets- en wandelroutes uitgezet.
www.banfflakelouise.com /
www.jaspercanadianrockies.com |
Banff Springs Hotel, enorme afmetingen
Allereerst rijden we naar het Banff Springs Hotel, een
enorm gevaarte van een hotel uit het begin van de twintigste eeuw, gebouwd door
de Canadian Pacific Railroad, nu in handen van de Fairmont hotelketen. Qua omvang en
luxe zal menig Europees kasteel het tegen dit gevaarte moeten afleggen; men
beweert dat er gasten in dit complex verdwaald zijn geraakt. Men kan er gebruik
maken van de vele geneeskrachtig bronnen, vandaar Springs Hotel. Het is gebouwd in
een samenraapsel van stijlen, je moet er van houden. We gaan er niet naar
binnen om de indrukwekkende lobby te bekijken, want we hebben net de koffie op. Wel amuseren we ons met de totaal niet
schuwe prairiehondjes (of zijn het grondeekhoorns?) die er aan onze voeten
ronddartelen.
Banff
Springs Hotel
Statig hotel in Schotse stijl
Alles in Canada
is groots, en dit imposante hotel van de Canadian Pacific Railways (CPR)
vormt daarop geen uitzondering. Het is onderdeel van een keten van
hotels die werd gebouwd om het toerisme langs de spoorweg door de
Rocky Mountains te bevorderen (en zo de treinwagons met passagiers
te vullen). De spoorweg werd voltooid in 1885. Slechts drie jaar
later, op 1 juni 1888, opende het Banff Springs zijn deuren. Het
ademt grandeur, oogt als een Schots kasteel en was met zijn 250
kamers destijds het grootste hotel ter wereld.
Tegenwoordig
telt het hotel driemaal zoveel kamers; het biedt plaats aan 1700
gasten, die regelmatig kunnen genieten van live doedelzakmuziek. Een
overnachting kost 900 Canadese dollar. Mocht dat uw budget te boven
gaan; er worden ook rondleidingen gegeven. Het omvangrijke hotel
doet denken aan een enorm treinstation. Naar huidige maatstaven is
het wat ouderwets, maar het gebouw staat nog steeds trots tussen de
espen aan de voet van de Canadese Rockies, daar waar de rivieren de
Bow en de Spray samenkomen.
Het credo van
William Cornelius van Horne, directeur van de CPR, luidde: "We
kunnen het landschap niet naar de toeristen brengen, dus halen we
hen hierheen." Het door de New Yorkse architect Bruce Price
ontworpen hotel voldeed echter niet aan de verwachtingen. Van Horne
zou van mening zijn geweest dat het verkeerd om stond, en ook nu nog
lijkt het misplaatst. De stijl van het gebouw is laat-victoriaans -
het is groots en statig. Het maakte zo'n indruk dat het maatgevend
was voor de Canadese architectuur tot de Tweede Wereldoorlog en zijn
'kasteelstijl' de norm werd voor veel overheidsgebouwen.
Tegenwoordig is het hotel in al zijn strenge gotische pracht een
eerbetoon aan de laat-victoriaanse architectuur. |


|